LINKS
Een mooie beschrijving
met foto's is te vinden op
'Kerkgebouwen in Limburg'.

Lees meer over de geschiedenis bij 'Rijckheyt'.
 


De Pancratiuskerk (Heerlen),
de Martinuskerk (Welten),
de St. Janskerk (Hoensbroek),
de kerk van Schaesberg
en Nieuwenhagen,
de Corneliuskerk (Heerlerheide)
 en de Bernarduskerk (Ubachsberg)
zijn allemaal dochters!




 

 

 

 

 

 

 

 

          




LAURENTIUSKERK

De Laurentiusparochie vormt een federatie met de parochie Kunrade. Samen gaat het om 6 duizend parochianen.

De Laurentiuskerk is oud. De toren stamt uit de twaalfde eeuw. Het middenstuk is nog van de negentiende eeuse architect Dumoulin en de oostelijke uitbreiding in Kundersteen is van Stuyt, die in het begin van de twintigste eeuw, toen het aantal mijnwerkers fors toenam, ook bij de bouw van woningen (Laurentiusplein) betrokken was.
De Laurentiusparochie heeft een eigen gemengd koor en eigen Dameskoor. De gregorioaanse schola echter is samengesteld uit zangers die uit beide parochies komen. De basisscholen zijn gefuseerd tot een brede school. Er bestaan twee harmoniegezelschappen en de samenwerking is uitstekend. Ook in de parochies gebeuren een aantal dingen apart en andere gezamenlijk.


De klokken van de Laurentius! Ralph Luthart klom ervoor de toren in!

  DE HEILIGE LAURENTIUS

Laurentius werd in Spanje geboren en was aartsdiaken van Rome. Hij moest de Paus (eerst Sixtus II daarna Valerianus) bijstaan bij het vieren van de 'heilige geheimen', de H. Communie uitreiken aan de gelovigen en de goederen van de kerk beheren, om ze aan de armen uit de delen.
Hij onderging op 10 augustus 258 met drie andere geestelijken de marteldood, enkele dagen nadat Paus Sixtus II met vier diakens was onthoofd. Volgens de legende zou hij op een rooster zijn verbrand, een aangrijpend beeld dat al in de 4e eeuw gemeengoed was onder de gelovigen. Hij werd een van de meest vereerde heiligen van West Europa, vooral toen Keizer Otto In 955 na een gelofte aan Laurentius op 10 augustus een beslissende zege op de Hongaren behaalde. Zijn naamdag werd een van de grootste feesten. In vele streken werd hij een heilige van het volk: zijn naam werd dus doopnaam voor talrijke kinderen, hij werd bezongen in allerlei liederen. Hij werd schutspatroon van Spanje, maar ook van vele steden in Midden- en Noord-Europa en van diverse beroepsgroepen (die allemaal op de een of andere manier iets met vuur te maken hebben): brand-weerlieden, kolenbranders, koks, pasteibakkers, bierbrouwers, waarden, wasvrouwen en strijksters...
Hij zou mensen beschermen tegen brandwonden en het uitbreken van brand voorkomen. Op zijn feestdag werd in veel huizen geen vuur aangestoken en naderde men zijn huis niet met een brandende fakkel. Daardoor zou het pand het hele jaar van brand gevrijwaard blijven. Laurentiusolie is in onze kerk verkrijgbaar rond zijn feestdag.
Zijn graf aan de Via Tiburtina werd reeds in de eerste helft van die 4e eeuw een druk bezocht pelgrims-oord en zijn basiliek be-hoort tot de zeven hoofdkerken van Rome. De kerk was boven zijn graf gebouwd door Keizer Constantijn en vergroot door Paus Sixtus II. Zijn naam werd opgenomen in de canon van de Romeinse mis. Zijn feest wordt voor-afgegaan door een vigilieviering en gevolgd door een octaaf. In de beeldende kunst komt hij vele malen voor.
Hij wordt dan als diaken afgebeeld, in albe en dalmatiek en met een rooster als attribuut. De oudst bekende afbeelding bevindt zich in het mausoleum van Galla Placidia in Ravenna (uit de 9e eeuw).
 

   
13de eeuwse doopvont

 
   
GESCHIEDENIS


Vast staat dat Voerendaal al in de Romeinse tijd bewoond was. Opgravingen in Voerendaal zelf, maar ook in Ubachsberg hebben dat aangetoond. Onder de heer-schappij van keizer Karel de Grote ontstonden Voerendaal en Klimmen als echte nederzettingen.
De Laurentiuskerk is de enige kerk in Nederland, die ooit door een paus (Paus Leo IX) werd ingewijd. Ze was in de Middeleeuwen de Moederkerk van Voerendaal, Kunrade, Ubachsberg maar ook van Heerlen en Welten ("Herle en Waltine"). Hier lag het dichtst bevolkte gebied van het herendomein.
Van die oorspronkelijke kerk is alleen de plek waar het doopvont staat nog over. De doopvont is uit de 12e eeuw, vervaardigd uit Naamse hardsteen. Op de hoeken bevinden zich vier monsterkoppen. Op de kuipwand zijn viervoetige, half kruipende, half lopende dieren afgebeeld. De kuip staat op een hardstenen voet. In de doopkapel bevindt zich de altaarsteen die waarschijnlijk door de Paus gezalfd werd.
Het huidige middenschip van de kerk stamt uit 1840; in 1917 kwam de kruisvorm tot stand. In 1949 werd de doopkapel ingericht zoals die nu is en werd een traptorentje gebouwd naar het oksaal. De Duitsers roofden de oorspronkelijke klokken. In 1949 werden bij het negende eeuwfeest drie nieuwe klokken gekocht.
Paus Leo IX reisde de wereld rond te paard en te voet. Na de verwoestingen van de Noormannen ging hem de 'herkerstening' ter harte. In 1049 riep zijn neef Hendrik III hem naar Aken om te bemiddelen bij een grondconflict tussen hem en Godfried met de Baard. Udo van Toul uit de Elzas vergezelde de Paus op zijn reis. Udo bestuurde Heerlen waartoe ook Furenthela (Voerendaal) hoorde. Daar was de eerste stenen kerk van de regio gebouwd. ermoedelijk was een eerdere houten kerk door de Noormannen ver-woest. Leo IX hield ervan bij inwijding van kerken aanwezig te zijn. Vandaar dat hij ook naar Voerendaal kwam, op 10 augustus.
In de 12e eeuw kreeg Heerlen zelf een stenen kerk en maakte niet langer deel uit van de Laurentiusparochie. Later ontstonden de eigen parochies van Ubachsberg (1841) en van Kunrade (1957). Wereldlijk bleef dit gebied deel van 'Herle'. In 1776 besloot de schepenbank dat Voerendaal een dorpsbestuur zou bezitten; dit werd door de Staten der Verenigde Nederlanden goedgekeurd.